Driving Miss Ayida…

Ik heb al eens verteld over het bijzondere volk waar ik regelmatig mee in aanraking kom: taxichauffeurs. Ik kan wel autorijden, maar heb tot nu toe nog nooit achter het stuur gezeten in Suriname. Ik ben gewoon een bangerik, er gebeuren zoveel ongelukken, en het gebrek aan verkeersfatsoen is niet echt iets waar ik op zit te wachten.

Dus ik ga veel met de taxi. Op sommige dagen kijk ik argwanend om me heen of er niet ergens een verborgen cameraprogramma aan de gang is waar ik nietsvermoedend onderdeel van ben geworden. Los van hun rijstijl, waardoor ik minstens drie keer in de week serieus twijfel of ik de taxirit ga overleven, zijn het vooral de gesprekken die zo bizar zijn.

Zoals de taxichauffeur die gelijk nadat we wegreden uit de doeken begon te doen hoeveel drugs hij in zijn leven had gebruikt, en welke soorten. Ik weet niet wat hem daartoe aanleiding gaf hoor, maar hij moest het kwijt denk ik. De rit duurde ongeveer een kwartier en vlak voordat ik thuis aankwam was hij klaar met zijn rijtje opsommen. Gelukkig kon hij me wel verzekeren dat dit allemaal lang geleden was, en dat hij alleen nog af en toe wiet rookte. Maar dat sowieso pas na 12:00u ’s middags- nooit ’s avonds!

Een paar dagen later had ik te maken met een chauffeur die erg veel moeite had zijn persoonlijke problemen niet mee naar het werk te nemen. Nadat ik had gebeld of hij mij kon komen ophalen was hij door een ander telefoontje midden in een familieruzie beland die draaide om zijn broer, ’de klootzak’ zoals hij hem noemde. Een beetje eng was het wel, want bij elke kilometer die we verder reden groeide zijn woede, zijn stemvolume en zijn roekeloosheid.

De topper van die week was wel de oude chauffeur die nog graag zijn jonge stoere kant wilde laten zien- want de paardenstaart, zonnebril, baseballpet en verhalen over het aantal vrouwen van plezier dat achter hem aanzat waren nog niet voldoende. Nee, meneer moest en zou racen, ook al was er niemand om mee te racen. Na elke keer optrekken zei hij dat het wel harder had gekund, maar dat het nét niet gelukt was. Bij één van de stoplichten waar er wél een andere auto in de rijbaan naast ons stond, kreeg hij eindelijk de kans zich te bewijze. Hij trok met gierende banden op toen het licht op groen sprong. De andere bestuurder was zich niet van een wedstrijdje bewust dus keek net zo vreemd als ik toen hij ons even later inhaalde.

Sinds kort heb ik mijn Surinaamse rijtoestemmingsbewijs, wat betekent dat ik met mijn Nederlandse rijbewijs hier de weg op mag. Ik zal ze nog gaan missen, die gekke chauffeurs…

-X-

Ayida

Be the first to comment

Laat een bericht achter